Telefoonnummer Ongering

Welkom bij Ongering!

terug naar overzicht

Oldenburg Comitatys

Availability: Out of stock

Gelijst € 325,00
Gravure - 1643
Maat 68 - 55
W.J. Blaeu - J. Blaeu
origineel

Om te bestellen neem contact op met Ongering.
050 - 312 36 77 of met mail naar
info@ongering.nl
next
Oldenburg Comitatys

Alle afbeeldingen


Klik op de afbeelding om te vergroten.

Details

 

This highly decorative and very attractive map of the vicinity of Oldenburg and Bremen shows the Jadebusen and the estuary of the Weser. The topography and towns are beautifully detailed with nice representations of the forests and river system. The map is oriented with north to the right by a nice compass rose. The map was beautifully engraved by Everard Simonsz Hamersveldt who worked for all the important cartographic publishers of the period including Hondius, Jansson, Blaeu and Speed.French text on verso.

 

Willem Jansz. Blaeu (Uitgeest of Alkmaar, 1571 - Amsterdam, 1638) was een Nederlandse cartograaf en globemaker. De naam Blaeu (in het Latijn: Caesius) is hij pas na 1620 min of meer officieel gaan voeren.

Willem Jansz. werd geboren als de zoon van een welvarende, doopsgezinde haringkoopman.
Hij werkte eerst als timmerman en klerk bij Cornelis Hooft, koopman en regelmatig één van de burgemeesters van Amsterdam, getrouwd met Anna, een nicht van Willem.
Willem had echter meer interesse voor de wetenschap en in de winter van 1595 trok hij voor een half jaar naar het Deense eiland Ven. Daar ging hij in de leer bij de Deense astronoom Tycho Brahe, van wie hij instrumenten en globes leerde maken.

Terug in Nederland vestigde hij zich eerst in Alkmaar en trouwde met Maertgen Cornelisd. Ook zijn zoon Joan werd daar geboren. Rond 1598/99 verhuisde hij naar de Korte Nieuwedijk in Amsterdam. Op 5 november 1599 kocht Willem een stuk grond op de Lastage. Vanuit zijn huis had hij iedere dag uitzicht op de schepen en de haven. Hij legde zich toe op het maken en verkopen van globes, in diameter variërend van 10 tot 68 cm en astronomische & nautische instrumenten. Informatie die van belang was voor het maken van de later uit te geven (zee)kaarten werd aangeleverd door zeelieden als Frederik Houtman en Pieter Keyser.

Eenmaal in goeden doen -in 1605- verhuisde hij naar het Damrak. Destijds werd dat 'Op het water' genoemd. Het pand heette de vergulde Sonnewijser. Waarschijnlijk een verwijzing naar één van de vele instrumenten die hij tijdens z'n opleiding had leren kennen. Het was daar dat hij begon met het het zelf maken van landkaarten, één van de eerste (1604) was de kaart: Inferioris Germaniae Provinciarum Nova Descriptio. In 1605 bracht hij zijn eerste wereldkaart uit, Nova universi terrarum orbis mappa.
Er verschenen, in navolging van de publicaties van Waghenaer en Willem Barentsz ook zeemansgidsen. Vanaf 1608 begon de uitgave van Het Licht Der Zeevaart met 115 pagina's tekst en 19 kaarten. In de loop der jaren werd dit werk uitgebreid, verbeterd en vertaald in het Frans en Engels. In 1623 verscheen Zeespiegel, inhoudende een korte Onderwijsinghe inde Konst der Zeevaert, &c.. Dit werk bestond in eerste instantie uit drie delen en bevatte 111 kaarten, in 1638 werd het uitgebreid met het vierde deel over de Middellandsche Schipvaert.
Deze uitgaven vormden de hoofdmoot van de uitgeverij. Al in 1619 (het jaar dat Blaeu's privilege afliep) kreeg Blaeu echter concurrentie van z'n buurman Johannes Janssonius, die de zeemansgidsen kopieerde en ook op de markt bracht. Ook z'n overbuurman Jacob Aertsz. Colom begon in 1632 met het uitgeven van een zeemansgids: De Vijerighe Colom.

Alhoewel Blaeu het meest bekend is dankzij z'n activiteiten als cartograaf en uitgever was hij ook bezig met de wetenschap. Zo ontdekte hij in het begin van de 17e eeuw twee nieuwe sterren. Hij was ook zeer geïnteresseerd in het berekenen van de omtrek van de aarde. Daartoe voerde hij in 1629 metingen uit van Hoek van Holland tot Texel. De bepaling van de lengtegraden op zee had z'n speciale aandacht. Hij nam deel aan de beoordeling van de methode van Galileo Galilei om de lengtegraad te bepalen aan de hand van de manen van Jupiter. Mede omdat er nog geen accurate tijdmeting mogelijk was op zee was het bepalen van de lengtegraat tot ver in de 18e eeuw een netelig probleem. Verkeerde inschatting kon namelijk tot schipbreuk leiden. Vandaar het relatief groot aantal strandingen op de Westkust van Australië. Dit gebeurde met onder andere de Batavia (1629), de Vergulde Draeck (1656), de Zuytdorp (1711) en de Zeewijk (1726).

1631 was het jaar waarin de eerste atlas uitgegeven werd, met zo'n 60 kaarten en begeleidende teksten. Van deze 60 kaarten waren 13 kaarten reeds eerder door Blaeu uitgegeven. De atlas werd deels aangevuld met de 37 koperplaten die in 1629 waren overgenomen van Jodocus Hondius (II). Het werk is bekend onder de titel Appendix en was bedoeld als aanvulling op de reeds bekende atlassen van Ortelius en Mercator. Na een jaar bestond het werk al uit twee delen met in totaal 99 kaarten. In de loop der jaren werd het werk verder uitgebreid en vernieuwd.

Deze uitgave kan gezien worden als de tweede impuls voor de felle concurentiestrijd tussen de firma Blaeu en de firma Hondius/Janssonius. De laatsten begonnen namelijk direct met het kopiëren van de door Jodocus II verkochte kaarten en namen deze op in hun uitgaves van de zgn. Mercator-Hondius atlassen. Sindsdien werd er over en weer naar hartelust gebruikgemaakt van elkaars kaarten.

De titel van de atlas werd in 1634 gewijzigd in Theatrum Orbis Terrarum (Tooneel der Wereld) en de eerste ééndelige uitgave hiervan was in het Duits. Het bevatte 159 kaarten. Er was nu geen sprake meer van een "Appendix", het was een complete atlas geworden. Er volgden vertalingen in het Nederlands, Frans en Latijn en het werd weer tweedelig, met zo'n 208 kaarten. ook deze atlas werd steeds verder uitgebreid en vernieuwd en ging uit steeds meer delen bestaan.

Na Willem Jansz.'s dood bleef de atlas zich verder ontwikkelen. Op het laatst was de atlas bekend onder de naam Atlas Maior, Grooten Atlas of Geographiae Blavianae. Deze atlas zou in de loop van de 17e eeuw uitgroeien tot één van de grootste en kostbaarste uitgaves op cartografisch gebied. Er zijn edities bekend die uit 14 verschillende boeken bestaan en rond de 600 kaarten bevatten

 

Additional Information

Soort origineel